10 feitjes over pasgeborenen en vers ouderschap

Voor een derde keer moeder/ ouder worden blijft verrassend, vertederend en vooral leerrijk. Iedere zwangerschap, bevalling en kind is anders. Een ander geslacht, een ander geboortegewicht om mee te starten, lentekinderen tegenover zomerkinderen… 10 feitjes die ik zelf ondervond:

  1. Bij een van de eerste nachten thuis droomde ik dat ik Marie aan het voeden bent. Ik schoot wakker en dan komt het besef dat je geen kind in je handen hebt. Echt waar bij meermaals bij alledrie. Zelfs Tom ervoor wakker maken om Marie even in haar bedje te leggen. Oeps, ik heb ze niet vast…
  2. Het voorheen jongste kind is ineens een reus.
  3. Al die kinderen plassen en kakken graag in een verse pamper. Soms zelfs meerdere in een verversbeurt. Gelukkig maakt dat bij wasbaar luieren niet zoveel uit.
  4. Goede borstvoedingsstoelgang is geel. Heeft het een groenere kleur dan krijgt de kleine meer of te veel voormelk. Het aantal plas en stoelgangsluiers zijn trouwens een belangrijke indicatie of je kind uitdroogt bij hitte of bij verminderde melkproductie.
  5. Jan met de pet zit te wachten op gezinnen met een jongen en een meisje. Heb je er eentje dan vragen ze direct wanneer de volgende komt. Idem bij nummer twee als die van hetzelfde geslacht is. Ben je zwanger van nummer drie word je quasi dagelijks gebombardeerd met ga je voor een meisje gaan? Ik zie het aan uw buik, het is een meisje! En dergelijke…
  6. Bij een eerste kleine zoeken ze op wie de kleine het meeste lijkt. Mama of papa? Bij alle volgende kinderen vergelijken ze enkel nog met de broers en zussen.
  7. Per direct gedaan met preutsheid. Tijdens de zwangerschap heb je hoera, 9 maanden geen menstruatie! Komt de cadeau na de bevalling: tot 6 weken bloedverlies. Iedere vroedvrouw komt erachter vragen hoe het zit met het bloedverlies en oh ja de eerste stoelgang is nog zo iets…
  8. Je leert multitasken als de beste. En de gekste combinaties zijn daarbij mogelijk: borstvoeding geven en de poep van een van de anderen afvegen…
  9. De eerste dag(en) eet je kleintje nog niet zoveel. Ook al moet je quasi constant een kwartier links en rechts aanleggen. Er komt amper maar iets uit om een maagje zo groot als een druifje te vullen. Maar o wee als je zelf moet eten, heeft je kleintje ook honger. Het neemt daar zijn tijd voor. Je drinkt zelf ook geen liter water ad fundum uit.
  10. Oh ja al je kinderen durven tegelijk te wenen. Toen Mil geboren werd had ik me daar mentaal niet op voorbereid. Bij Marie duurde het ook niet al te lang vooraleer ze alle drie besloten om op hetzelfde moment te wenen.

Over wenen buitenshuis heb ik trouwens een strategie. Je kent het wel van die mensen met wenende kinderen in de winkel die vlug proberen te zeggen dat ze stil moeten zijn. Ik zeg het tegengestelde. “Ween maar eens goed luid zodat alle mensen het in de winkel kunnen horen” of “gooi maar eens alle tranen eruit, nog een beetje harder”. Dat doen ze ook, heel even en dan stopt het vanzelf.

Het doopsuiker van Marie

Met de blogpost over het kaartje van Marie gaf ik het al aan dat heel de zwangerschap een drukke periode was. Met het doopsuiker kon ik alle kanten uit gaan. Ik koos de luie kant. Voorheen naaide ik zakjes, poppetjes, stempels, eigen doosjes vouwen, eigen broches met krimpfolie om de zakjes te sluiten. Al die tralalatjes daar stak ik nu geen tijd in. Ik kocht melkzakjes en liet me daardoor verrassen. Ik hoopte dat ik er een stempel op kon drukken en ju. Maar dat ging niet. De inkt bleef er vochtig op.

Dus ontwierp ik een sticker. Nu ja ontwerpen, zoveel ontwerpen was daar niet meer aan. Gewoon een ander formaat, de bever en de achtergrond erin plakken et voila! Ik bestelde de stickers via flyer.be. En was mega trots als ze arriveerden.

Verder maakte ik op het gemak stempels. Voor mij waren dat binnenspeeltuinstempels. Op momenten dat ik niets kon betekenen op zolder trok ik er met de jongens op uit naar de binnenspeeltuin. En daar gutste ik de stempels. Ik gebruikte daarvoor blauwe factis lino en roze speedycarve lino. Ik vond de inktpads in de action. Zonder ze zelf uit te testen stak ik ze erbij.

En Tom en ik kozen ieder een snoepje dat we lekker vonden en geschikt zijn als doopsuiker. Tom koos zuurtjes. Ik koos rode staafjes met witte suiker vanbinnen. De melkzakjes kregen een sticker vooraan en werden gesloten met washitape in de 3 kleuren van de veren.

Voor de presentatie kocht ik een oude bestekkoffer in de kringloopwinkel. Die beklede ik met blauwe stof. Verder maakte ik twee kleine vlaggenlijnen waarop ik de jongensnaam en de meisjesnaam zeefdrukte. Ik hing ze op met een punaise. Et voila, doopsuiker!

Wasbaar luieren vanaf week 2

Bij Mil startten we met wasbaar luieren op een paar maanden. Dat kwam omdat we voordien met verbouwen en verhuizen zaten. En ook omdat ik Tom nog wat moest overtuigen. Bij Lex woonden we nog op een mini appartement en hadden we er de plaats niet voor. Bij Marie moest daar niet meer over gepraat worden. Natuurlijk gingen we opnieuw wasbaar luieren. Bij de geboorte gebruikten we de pampers die we van het ziekenhuis kregen. Tom moest al de jongens en al de rest meesleuren. Een emmer vieze luiers ging daar niet meer bij. Ook de eerste stoelgang is nogal donker en plakkerig. We zouden starten als die pak pampers op was.

Stiekem kochten we nog zo een pak. Het was thuis even zoeken tussen slaap inhalen, nieuw evenwicht in aandacht voor de jongens en de voeding. In week 2 startten we wel met wasbaar luieren. Al zat ik wel met mijn handen in mijn haar want de all in ones van Totsbots waren veel te groot. Die starten vanaf 4 kg en geven en enorme poep. Verder had ik ook nog strikluiers maar ook dat leek gigantisch met een inlegger erin. Tot ik er meer over las. De strikluiers hoeven geen inlegger voor een newborn. En dus waren we vertrokken.

Ook vroeg ik raad aan een vriendin en mocht ik nog wat mini pampers van haar lenen ook. Super om nog andere systemen te leren kennen. Eerlijk gezegd, moest ik de pampers opnieuw kopen zou ik véél meer research erover doen. Misschien dat we er ook nog wat gaan bij aan schaffen want met de all in ones van Totsbots hadden we bij Mil regelmatig lekken.

Ik lees vaak verhalen van moeders met pasgeboren baby’s die beweren met wasbaar luieren maar twee keer te wassen. Ik geloof er niets van… Bij iedere voeding haar pamper verversen zorgt ervoor dat de pampers erdoor vliegen en de emmer dus gemakkelijk vol geraakt. Om de dag wassen is het ritme dat ik al even aanhoud. Ik blijf enthousiast over de strikluiers. Die zijn goedkoop, schattig en zijn bijzonder snel droog. Enige nadeel is dat het soms een uitdaging is om de pamper te strikken vanaf dat ze wat beweeglijker zijn.

Op vakantie zouden we wegwerpluiers gebruiken. Die hadden we al in huis gehaald. De twee weken ervoor had ik het er echt moeilijk mee. Moesten we ze nog niet in huis hebben gehaald zou ik waarschijnlijk ook wasbaar op vakantie hebben gedaan. Eenmaal op vakantie besefte ik wel dat het zo ook wel ok was. Terug thuis hadden we nog een paar pampers over van de vakantie. En opnieuw was ik blij om die nog een dag of twee te kunnen gebruiken zodat ik de tijd kon nemen om het huishouden weer helemaal op orde te brengen.

Met welke systemen heb ik ondertussen ervaring?

  • Diana strikluiers
  • Disana & Popolini wollen overbroekjes
  • Overbroekjes van totsbots, rumparooz, popolini & blümchen
  • Allerlei wasbare inleggers: katoenen, bamboo, tetradoeken & fleece
  • All in ones totsbots
  • Imse Vimse all in ones
  • Close pop-in
  • Piriuki nachtluier
  • Totsbots voorgevormd

Waar kocht ik wasbare luiers?

  • Blabloom
  • Klein spook
  • Dreambaby
  • Spulletjes voor spruitjes

De clichés voorbij?!

Hoewel de laatste jaren steeds meer jonge gezinnen kiezen voor wasbaar luieren blijft het taboe toch nog groot. De meeste mensen vinden het vies. Zouden hun wasmachine na iedere wasbeurt met wasbare luiers nog eens leeg willen opzetten. Enzoverder… Een ander klassiek argument is het water van al die wasbeurten. Dat zou ook niet zo milieuvriendelijk zijn.

Laten we zeggen dat een ton afval aan wegwerpluiers per kind nog viezer is. Nu spoelt alles gewoon weg. Bij vaste voeding gaat het grootste gedeelte gewoon in het toilet. En ja, als kinderen groter zijn en in hun broek plassen/ kakken dan wassen we dat toch ook uit…

Al dat werk?! Heb je daar dan nog tijd voor? Ik weet niet hoe het met anderen zit, maar een wasmachine is best vlug opgezet. Net zoals wat pampers ophangen en wegleggen. Kwestie van een paar minuutjes. Aan wegwerpluiers heb je ook werk: je moet ze kopen, de voorraad in de gaten houden en weggooien/ naar het containerpark brengen.

Kinderen zijn er vlugger zindelijk door. Werk- en tijdsbesparend, hoera ;)!

3 soorten borstkolven met elkaar vergeleken

Bij Mil schreef ik er al eens een blogpost over. Vandaag terug opnieuw over borstvoeding en borstkolven, maar dan met weer een kindje extra ervaring. Lex kreeg 11 maanden borstvoeding. Dat werd verlengd naar een jaar, want toen Mil geboren werd had ik bijzonder veel melk. Waardoor Lex nog ruim een maand gekolfde melk in zijn flesjes kreeg. Bij Mil ben ik 9 maanden aan het kolven geweest. Hij heeft het 10 maanden gekregen. Maar ook zijn tijd wordt ondertussen al 3 maanden verlengd. Want ook bij Marie zit ik met te veel melk. Bij Mil doe ik ondertussen choco in mijn gekolfde melk en zo merkt hij er niets van.

Bij Lex had ik enkel een handkolf. Die werkte goed voor op het werk onder de middag af te kolven en als hij wat langer doorsliep voor ’s morgens de druk eraf te laten. Bij Mil moest ik voltijds kolven en dus kocht ik een elektrische kolf. Een enkelzijdige. Met de verbouwing was dat toen een budgettaire keuze. Ik heb die kolf heel snel in de winkel moeten grabbelen als ik uit het ziekenhuis kwam. Wist ik veel dat ik voltijds moest blijven kolven. Maar ik wist het toen al wel: had ik maar geïnvesteerd in een dubbelzijdige elektrische kolf.

Bij Marie gebruikte ik terug die elektrische kolf om tussenin te kolven wanneer mijn borsten vol zaten of ’s nachts na de langere nachtvoeding. Beide kolven gingen mee op reis. De handkolf voor in de auto onderweg. En de elektrische voor de gewone voedingen. En daar begaf mijn elektrische kolf het. Er gebeurde niets speciaals en er lijkt ook geen gatje in de slang te zitten. Volgens mij is de batterij gewoon op. Ik kolfde dan ook wel 9 maanden fulltime en de kolf werd nadien ook al wel uitgeleend. Vervelend dat het op reis gebeurde omdat ik niet meteen een andere kon kopen. Toch kon ik met de handkolf ook wel even verder.

Deze keer deed ik meer moeite om te kiezen welke kolf ik wou. En dat wist ik al vrij snel. Een dubbele freestyle van Medela. Ik had een beetje schrik om over te schakelen van Philips naar Medela. Want als die me niet zou bevallen dan was dat wel een dure miskoop. Al na de eerste kolfbeurt was ik verkocht. Ik schrijf dit blogbericht uit mijn eigen enthousiasme (er wordt hier niets gesponsord). Als je kiest voor borstvoeding en overweegt om een kolf te kopen: onthou dan dat je borstmelk al gratis is. Als je weet dat poedermelk tussen de 12 – 20 euro ongeveer per doos kost dan heb je de kolf al vrij snel terug verdiend. Ik wou dat ik dat besefte bij mijn eerste zwangerschap.

Probeer te wachten met het aanschaffen van een kolf tot na de bevalling. Gun je de tijd om te ontdekken hoe bij jou de borstvoeding in elkaar zit en welke kolfnoden je hebt (frequentie en plaatsen waar je wilt kolven). Kijk, vergelijk en vraag raad!

Mijn ervaring met borstkolven? Een handkolf en een elektrische enkelzijdige kolf van Philips en de freestyle dubbele elektrische kolf van Medela. Ik vertel je graag wat ik van de drie systemen vind.

De handkolf van Philips

De handkolf is mijn trouwe partner geweest bij Lex. Het lukte om met de handkolf het te veel aan melk weg te kolven en tijdens de middagpauze een flesje te voorzien. Toen de handkolf mijn enige kolf was merkte ik op het werk wel dat de hoeveelheid gekolfde melk sneller verminderde dan dat ik nadien kolfde met de elektrische kolf. De handkolf bleef mijn vriend bij Mil. Ik gebruikte hem nog als we ergens naartoe gingen. En bij Marie ging ie ook mee op reis. De handkolf is klein, goedkoop en gemakkelijk. En heeft zijn geld volledig opgebracht omdat ie al gebruikt wordt bij het derde kind. Maar stimuleert iets minder…

De enkelzijdige elektrische kolf van Philips

Deze was mijn vriend bij Mil. Ik redde er 9 maanden voltijds kolven mee. Hij werkt met een toeschietmodus en in drie standen. Ik schakelde steeds over op de hardste stand. Hij werkt op elektriciteit en als het echt moet op batterijen ook. Je kan kolven met de masserende borstschilden, maar evengoed zonder werkt dat ook. Deze kolf is ook redelijk compact, relatief goedkoop en gemakkelijk. Maar maakt wat lawaai…

De dubbele freestyle van Medela

Mannekes, wat een kolf! Daar Philips een gekend betrouwbaar merk is voor allerlei huishoud/ elektra is Medela helemaal gespecialiseerd in borstvoeding. En dat merk je wel qua verfijning. Ik koos de freestyle in plaats van de swing omdat ik véél kolf en ook op verplaatsing. Bij Medela geen masserende borstschilden. Eerlijk gezegd, ik mis ze hier ook niet. Ze zijn er in verschillende maten. Het houdt dus rekening met verschillende soorten borsten. Een toeschietmodus met meerdere standen en véél meer kolfstanden dan Philips, 9! De toeschietmodus springt automatisch over op kolven na 2 minuten of je kan het manueel doen. Er zit een geheugenknop bij, maar die heb ik nog niet gebruikt. Qua instellingen kolf ik meer op gevoel: hoe lang de laatste voeding geleden is, hoe snel de melk erin gaat of ik vind dat het meer vooruit moet gaan of afhankelijk van Marie als ze al eerst aan de borst heeft gelegen of niet… Wel vind ik de timer bijzonder nuttig. Zeker als ik later terug ga werken om in de gaten te houden dat ik mijn pauze niet te lang maak. Ook de plaatjes om de flessen in vast te klikken na het kolven vind ik gemakkelijk zodat de 2 flessen zeker niet omgestoten worden. De kolf kan zowel enkel als dubbel gebruikt worden. De slang om de stukken te verbinden met de motor is ook steviger en heeft verbindingsstukken aan het uiteinde om gemakkelijk in de kolf en de motor te klikken. Maakt ook lawaai, maar minder. En de batterij kan ook lang zonder elektriciteit mee. 3 uur om precies te zijn, wat voor mij best lang is omdat een kolfbeurt voorlopig maar tussen de 5-10 minuten in beslag neemt. Hierdoor heb ik eigenlijk geen aparte handkolf meer nodig. Dubbelzijdig kolven geeft meer productie en dat merk ik. Met de handkolf kolfde ik een 100 ml, enkelzijdig 180 ml en met deze 250 ml en meer. Ook al is het gemakkelijk om alle stukken in elkaar te zetten, toch steeds met de nodige aandacht dat alles écht goed in elkaar zit, want anders zuigt ie niet helemaal. Het borstschild is wat kort: bij het stoppen met kolven smos ik regelmatig met de laatste melkdruppels.

Hoe kan je een reserve opbouwen?

Een vraag die ik wel eens krijg omdat mensen weten dat ik vaak kolf. Als je er vrij vroeg aan begint kan je met 1 keer kolven dagelijks een potje invriezen. Het meest ideale moment is daarvoor na de voeding waarbij het langste tijd tussen zat. Bij Lex en Mil was dat de eerste ochtendvoeding. Bij Marie de eerste nachtvoeding. Met de freestyle geeft me dat minder dan 10 minuten werk: 5 minuten kolven, het in de diepvries steken en de kolf uitspoelen.

Je kan ook twee kolfbeurten pakken: ’s avonds voor je gaat slapen en ergens in de ochtend. Met kleine beetjes tussendoor kom je er wel. Want hoe meer je probeert, hoe meer je melk aanmaakt. En als het niet lukt dan is dat ook ok. De moeder bij ET had een alien in huis zonder het te weten 😉

Geboortelijst bij Kleine Spruit

Een cliché om te bevestigen: hoe meer kinderen er komen hoe minder bezoek er komt. Feit! We hebben er een tijdje over getwijfeld: een geboortelijst of niet? En waar gingen we die geboortelijst dan leggen? De vorige twee keren deden we dat bij dreambaby. Daar konden we wel wat spullen gebruiken, maar onvoldoende voor een lijst. Tenzij het een meisje werd dan konden er kleren bij op. Maar dan zit je met het probleem van kleren dat er een aankoopverplichting is.

Een tijdje dacht ik dat we een lijst bij Blabloom zouden leggen. Ze hebben een leuk aanbod, ecologisch en een zeer vlotte verzendservice. Maar ook daar weer net niet wegens te weinig wat we écht nog nodig hadden om een lijst mee te kunnen vullen. Dus ging ik een hele andere tour op, een sprong in het onbekende. Ik legde een lijst bij Kleine Spruit, een online geboortelijst met cadeautjes uit alle winkels. Volledig zelf samengesteld dus.

Aangezien we het geslacht niet op voorhand wisten, maakte ik twee lijsten bij Kleine Spruit. Ik dacht dat eerst pas te doen na de geboorte, maar was toch blij dat ik het nog op voorhand had gedaan. Alleen communiceren die twee lijsten niet met elkaar. Het was gemakkelijk geweest om de spullen die je nodig hebt ongeacht het geslacht te kunnen kopiëren van de ene lijst naar de andere. Ook al begon ik zeer laat pas aan de lijst toch liet ik me verrassen door de soldenperiode. Enkel op de meisjeslijst stonden kleren, maar zo goed als alles wat ik uitgekozen had, was ineens niet meer beschikbaar in de juiste maat. Dus moest ik wéér opnieuw kleren zoeken en voorraden checken.

Voordelen bij Kleine Spruit:

  • Gratis
  • Personaliseerbare tekst en look van de lijst
  • Visueel overzicht van de kado’tjes
  • Optie om geld te storten/ het kado aan te kopen
  • Geen aankoopverplichting
  • Een lijst volledig volgens je eigen smaak, goesting, noden
  • Enkel de website doorgeven is voldoende: geen extra logingegevens nodig op het kaartje

Nadelen:

  • Meer werk, zeker bij onbekend geslacht
  • Artikelen kunnen uitverkocht zijn
  • Meer opvolgwerk of iets dat gereserveerd is ook echt betaald is
  • Voor kopers die verschillende kado’s kopen kunnen blijkbaar de betaling niet bundelen omdat ieder artikel een code heeft die je moet vermelden bij de betaling.
  • Geen optie om aan te duiden welke artikels voorkeursartikels zijn

Ook al waren er wat nadelen. Toch ben ik blij dat we de lijst zo hebben samengesteld.

Wat zet je dan bij nummer 3 nog in hemelsnaam op de lijst?

  • Kleertjes
  • Cadeaubonnen
  • Boeken
  • Speelgoed voor binnen en buiten én voor het hele gezin. Niet het cliché babyspeelgoed
  • Overbroekjes
  • Verse tutten & flesspenen
  • Tot zelfs naaipatronen voor 2 schattige meisjeskleedjes

Ik zei het toch, volledig op eigen maat!

Welkom lieve Marie

En dan nu tijd om over ons Marie te schrijven. Marie besloot op 41 weken & 4 dagen te komen. 11 dagen overtijd. I did it again! Bij een derde zolang overtijd gaan was ongezien. Maar ik ben bijzonder blij dat de gynaecoloog me zolang overtijd liet gaan. Dat hij me zelfs niet heeft ingeleid wanneer hij op verlof ging en ik al een dikke week overtijd was. Zo is Marie toch spontaan kunnen komen.

Dus Marie kwam spontaan en ze kwam bijzonder snel. Een bevalling waarbij ik ook zelf kon vaststellen dat het een meisje was in plaats van een vroedvrouw die eerst vraagt hoe het noemt om dan zelf terug te moeten vragen wat het geworden is. Marie stelde het direct goed. Al merkte ik dat de schrik na Mil zijn voedingsproblemen er nog in zat. Ik had prachtige vroedvrouwen waar ik zelfs bij een derde nog bijzonder veel van geleerd heb. Thuis greep ik eerder dan gepland al naar de kolf: voor de stuwing, voor de controle en voor een voorraadje… Ik had nog geen ervaring met een zomerkindje. Een kind dat om het uur drinkt is even verschieten. Het lag aan de warmte, niet aan de productie.

En thuis had ik alle luxe. Twee begripvolle, liefdevolle jongens. Manlief die met alles hielp. Ik stemde toe op vroedvrouwen aan huis. En tekende in op kraamzorg. In het begin vond ik dat vermoeiend zo vreemden in huis hebben. Gewoon aanwezigheid van anderen, ook al trokken ze vlot hun plan. Maar al snel was ik blij dat ik het werk niet moest verrichten dat zij deden: koken, strijken en de badkamer kuisen.

De eerste weken waren vermoeiend omwille van de warmte. De warmte die me ook toelieten om niets te doen en dus meer te genieten…

Over het geslacht werd veel gespeculeerd. We wisten opnieuw van niets. Heel de wereld ging uit van een meisje. Ik ging uit van een jongen. Dat leek nu eenmaal vertrouwder, praktischer en lekker stoer. Nu Marie er is valt dat allemaal op zijn plaats. En weet dat klein, goedlachs & aandachtig meisje me veel vlugger te ontroeren dan dat de jongens dat deden.

Maar mannekes wat heeft de buitenwereld er een mening over. Hoeveel vreemden dat er iets over kwijt willen. Precies alsof het hebben van een jongen en een meisje enkel en alleen werelds geluk brengt. En hoe cliché het kleurenpallet van de mensen is: al wat geen roos draagt is een jongen. Punt!

4 jaar in blogland

Ik vertoef sinds vandaag 4 jaar in blogland. Mijn blog-verjaardagen heb ik nog niet echt in de kijker gezet. Ik verschiet er zelfs van dat het al vier jaar is. Ik denk niet dat ik een doel had opgesteld wat ik hiermee wou bereiken. Maar als ik terug blik zou ik zeker mijn doel hebben bereikt. Ik heb écht enorm veel bijgeleerd en heb de moed nog niet opgegeven. That’s it… Voor mij maakt het allemaal niet zo uit hoeveel volgers of hoeveel likes. Al praat ik tegen mezelf, dat gaat ook.

Maar in die vier jaar zijn er hier en daar wat dingen gebeurd en ik zal er zeker een paar vergeten:

  • Ik leerde beter naaien. Van oefenstiksels op papier tot vlaggenlijnen tot een aantal zeer mooie kledingstukken
  • Ik overwon tricotvrees & durfde ook een overlockmachine te gebruiken. Best wel angstaanjagend zo een machine dat de stof ook knipt. En nu droom ik van een coverlock.
  • Ik leerde breien en leerde het nog eens opnieuw (want ik vergat het ook in de tussentijd). Ook al kan ik maar een omslagdoek/ sjaal/ muts maken. Dat is ook breien.
  • Ik kan een magic ring haken. Volgens mij vond ik mijn eigen manier om dat te doen, maar het werkt én ik plan het vanaf nu steeds te doen.
  • Ik leerde stempels maken en dat gaat steeds verfijnder door transferpapier. Ook keek ik al eens naar zachtere lino dan die ik nu gebruik. Bij veel kerven krijg ik pijn in mijn pols en worden mijn vingers tamelijk gevoelloos.
  • Ik kan juwelen maken. Dat doe ik al een tijdje niet meer zo intensief als eerst, omdat het een vrij dure hobby is. Maar het gerief ligt er nog en ik heb het nog wel in de vingers.
  • Ik heb al een jaar een eigen naaikamer. Al zou ik het een knutselkamer moeten noemen. Die eigen ruimte is nog steeds wennen. Ik maak het zo graag rommelig. De ruimte werd deze maand geschilderd, van plinten voorzien & he-le-maal opnieuw gesorteerd ingeladen.

Verder kreeg ik nog een kind, kocht en verbouwde ik een huis. Ik creëerde een mini dierentuin met een poes, een konijn en een hond. Ik kan een mondje Spaans praten en trek al iets betere foto’s. Ik veranderde van functie. Ik ging opnieuw lezen. Veranderde wel eens van kapsel. Heb mijn voeten in het huwelijksbootje gezet. Wat wil een mens nog meer?

Maar genoeg terug geblikt. Die blogverjaardag. Ik heb het mij al eens afgevraagd of ik eens een give-away moest organiseren? ja, nee, ja, maar hoe, dan toch maar niet. Zoiets was het. Ondertussen heb vele facebook-, pinterest- en instagramvolgers erbij. Die kwamen allemaal spontaan, niet omdat er hier iets te rapen valt. Meer hoeft dat niet te zijn. Dus allemaal bedankt om toch maar steeds met lege handen naar huis te gaan. Ik hoop dat het minstens één keer lichtjes inspirerend was. Ik zou jullie in de bloemetjes kunnen zetten, maar echte kenners weten dat ik echt niet graag bloemen krijg. Dus zie ik er ook niet veel in om ze weg te geven.

Mieke pop patroon - coucou castor

Een cadeautje voor iedereen: ik ontwierp zelf het Patroon Mieke Pop – coucou castor en dat mag je vanaf nu gewoon gratis gebruiken. Stap voor stap foto-instructies volgen nog. Al is het heel simpel

Je naait een voorkant van het hoofd aan de voorkant van het lijfje, zelfde voor de achterkant. Je voorziet de pop van vilt haar of nadien met garen. Je naait de armen en benen per twee panden aan elkaar. Je keert ze om, vult ze en steekt ze tussen de twee lagen van het lijfje. Je naait rondom en laat een keergat. Je keert, vult de pop, naait het keergat dicht en voorzie de pop van een gezicht.

Mieke pop patroon - Coucou castor

Hopelijk ben je er iets mee. Foto’s ervan zijn zeker welkom via [email protected] Moest je er zelf over bloggen zou ik het fijn vinden dat je naar Coucou Castor linkt. Af en toe doe ik eens iets creatiefs voor een goed doel. Dat deed ik deze zomer opnieuw. Ik naaide een aantal poppen die verkocht worden ten voordele van de bewoners van de Vloeter St. Oda. Nooit gedacht dat ik poppen naaien leuk zou vinden, maar het is écht uitstekend voor mijn reuze berg reststofjes.

Mieke pop patroon - coucou castor

Ben je zelf niet zo creatief of kom je wat tijd te kort? Laat hieronder gerust een reactie voor vrijdag 2 september 20u00. Die reactie dat mag eender wat zijn, mopjes zijn leuk, iets inspirerend… Ik drink wel eens thee en aan het zakje hangt soms een vraag:

  • Wanneer vind je iemand oud?
  • Als je de hele dag een gerecht zou mogen eten, wat is dat dan?
  • Welke landen heb je allemaal bezocht?

Misschien win je wel een pop of stempel naar keuze. Het is toegestaan mij te volgen via social media of het bericht te delen, maar zeker geen vereiste.

Het 52 boekenproject

Vroeger las ik heel veel, maar sinds lange tijd lukte het me niet om nog maar een boek te lezen. Hoogstens enkele pagina’s en ik werd al moe. Ik vond het tijd om daar verandering in te brengen. Dus stelde ik mezelf een doel: 52 boeken in een heel jaar lezen. Iedere week een boek dus. Dat lukte vrij goed. Tot er een verbouwing en een zwangerschap en bevalling tussen kwam. Een jaar werd net geen twee jaar, maar I did it! Ik las 52 boeken van wel 52 verschillende schrijvers. Blijkbaar 53 zelfs, want als ik mijn lijstje overloop staat zelfs een van de beste boeken er niet tussen.

Soms vond ik het een hele opgave, maar vaak vond ik het leuk en ontspannend. Het lukt me nu weer om gewoon een boek te lezen. Ik heb boeken in de bibliotheek meestal bewust gekozen op hun beperkte omvang. Maar sommige kanjers heb ik toch overwonnen. Nu ik 53 nieuwe schrijvers ken, kan ik eindelijk eens een tweede boek lezen van een schrijver die ik super vond.

Must read top 10:

  • 12 jaar slaaf – Northrup
  • De wonderbaarlijke reis van de fakir die vastzat in een ikeakast – Puertolas
  • Eddies wondere wereld – crauwels
  • Miranda van frituur miranda – Vlaminck
  • Het marktplaatsmeisje – Vis
  • Niemand weet dat ik een mens ben – Mortier
  • Het avontuur van iks en ei – Campert
  • De jongen die nooit heeft bestaan – Sjon
  • Hotel rendez-vous – Reusens
  • Dagboek van Marie – Feryn

Goede top 10:

  • De kamer – Karlsson
  • Monoloog van iemand die het gewoon werd tegen zichzelf te praten – Verhulst
  • Achter het station – Camenisch
  • 3 slechte schaatsers – Krabbé
  • 7 maandagen met montalbano – Camilleri
  • Instect – Castillon
  • Laura – Barcelo
  • De droom van Aziz – Adam
  • X & Y – Treur
  • De sumoworstelaar die niet dik kon worden – Schmitt

Over de goede boeken: verrassend waren de kanjers ook de beste. 12 jaar slaaf daarvan had ik eerst de film gezien. Het zit hem in de details.

De wonderbaarlijke reis van de fakir die vastzat in een ikeakast sprak me aan puur op basis van de titel werd mijn enthousiasme opgewekt. Wat een humor bij iedere verhaalwending. Hier is er een verfilming op komst. En ik zal zeker op de eerste rij zitten.

En Eddies wondere wereld, onvoorstelbaar!

Borstvoeding voor de tweede keer

Een ding was me snel duidelijk, geen twee kinderen zijn hetzelfde. Een zwangerschap die nog langer duurde dan de eerste, een inleiding, stoelgang in het vruchtwater, een navelstreng die rond de hals zat, 510 gram extra… En vooral een compleet andere borstvoeding. Op dat laatste had ik me niet voorbereid.

Bij Lex wist ik het op voorhand niet goed wat ik ging doen met de borstvoeding. Ik wou het wel proberen, maar echt helemaal zag ik het toch niet zitten. Tot hij er was en alles fantastisch verliep. Zo handig om altijd de melk bij te hebben. Zo een zaligheid om dat kind aan de borst te hebben. Het enige dat ik nodig had was een tepelhoedje. Ik hield het 11 maanden vol. Omdat dat zo goed ging, was ik daar tijdens Mil’s zwangerschap niet meer mee bezig. Ik ging borstvoeding geven.

Dat ik al eens borstvoeding had gegeven hielp me in het ziekenhuis om rustig te blijven. Iedere keer weer op het belletje duwen voor hulp vond ik niet erg. In het ziekenhuis had Mil twee uitersten. Of hij was te slaperig of hij was veel te hevig/ ongeduldig. Het lukte van geen kanten. Hij viel af en al gauw gaven we de melk met een spuit en daarna zat ik al in het ziekenhuis te kolven. Had het aan kinderarts nummer drie gelegen was ik overgeschakeld op flesvoeding. Bij die gedachte werd het me emotioneel te veel. Daar liep de kinderarts onbegripvol de kamer uit.

Thuis moest ik maar een vroedvrouw nemen. Hij moest wat op kracht komen en kalmeren en dan zou het wel lukken. Dus moest ik een week alleen maar kolven. Die week werden verschillende weken. Een gewone fles dat lukte niet, eentje van het ziekenhuis dat ging (al ging het te snel) en dan moest ik er een van Medela proberen. Een systeem waarbij hij moet zuigen zoals aan de borst. Handig zodat hij het niet verleerd, maar zo tijdrovend. Van een handkolf ging ik deze keer naar een elektrische. En was het budgettair geen verschil zou ik een dubbele elektrische hebben gepakt. Ook borstvoedingsthee en homeopatische middelen werden ingeschakeld.

borstvoeding

Ondertussen is dit wat ik nodig heb om de borstvoeding keer na keer te laten lukken:

  • Sterilisator
  • Flessenwarmer
  • Kolf
  • Papfles van het ziekenhuis
  • Medela papfles
  • Borstvoedingsthee
  • Bewaarpotjes om extra melk in te vriezen
  • Tepelhoedjes
  • Borstvoedingsdoek
  • Isoleertas voor onderweg
  • Aangepaste kledij: borstvoedingsbh, tshirt, compressen, tepelzalf
  • Veel water, slaap, geduld, pogingen om het toch natuurlijk te laten verlopen, (een vroedvrouw), een wekker, een schrift om iedere voeding getimed in op te schrijven…

Het doopsuiker van drie jaar geleden

Drie jaar geleden kwam mijn lieve zoon Lex ter wereld. Zo fier als een gieter maakte ik tijdens mijn zwangerschap geslachtsneutrale zakjes en poppetjes als doopsuiker. Wie mijn blog al wat langer leest herkent waarschijnlijk deze pittige handenwarmers erin.

doopsuiker

Na een lange zoektocht naar stof heb ik een deel gekocht in Kapellen en een deel in Antwerpen. Ik vond dat destijds echt moeilijk iets geslachtsloos, maar toch iets leuks.

De poppetjes, die ik in het paars en in het bruin maakte. In een massaproductie en met meters teveel aan stof. Het was nog in mijn beginperiode van het naaien. Ik ben er dus nog altijd, gezien mijn gebrek aan technieken toen, heel erg fier op. De zakjes dat was een uitprobeersel qua grootte.

De meter en de peter die ontvingen een uitvergrote versie van zo een pop met een bijhorend voeldoekje. Helaas vind ik daar geen foto van terug.

Voor de presentatie van dit doopsuiker gebruikte ik twee oude pizzadozen, wat oud karton en hetzelfde rode stofje als de sterren. Voor het lekker assorti te maken. Maar eigenlijk ook omdat het last minute-werk was en ik geen kosten wou maken aan de huur of aankoop van zo een speciaal iets om het doopsuiker te presenteren.