Professionele ontwerpen in huisstijl

In april nam ik afscheid van mijn werk. Na bijna 9 jaar werken zat mijn tijd erop. Hoogtes en dieptes, lachen en huilen, lief en leed, houvast en verandering, komen en gaan…

Ik begon op deze werkplek als afgestudeerd meisje. Net zoals ikzelf veranderde de organisatie van een kleine, huiselijke vzw naar een grote overheidspartner. Eentje die groeide en professioneler werd. Gaandeweg evolueerde de huisstijl van het felrode prisma naar inburgeringsgroen. In een tijd waar ik rapporten mocht schrijven, probeerde ik ze naar mijn hand te zetten. Meer en andere gegevens én in de huisstijl.

Soms maak je iets en verdwijnt het in de vuilnisbak. Op het laatste haalde ik voldoening uit het afleveren van producten en professionele ontwerpen waar men iets aan kan hebben op lange termijn, ook al verdwijnt mijn inzet in de anonimiteit der nummertjes ex-werknemers.

4 professionele ontwerpen

Professionele ontwerpen in huisstijl van mijn hand:

  • Een provinciale cijferkaart
  • Digitalisering van een onleesbaar schema
  • Visualisatie van twee ingewikkelde procedures

Op zoek naar een professioneel ontwerp?

Neem dan contact op voor een vrijblijvende offerte op maat.

Een logo voor Gezinsopvang Peggy

Ik mocht een logo maken voor mijn lieve onthaalmoeder – Gezinsopvang Peggy. Liefst iets met een meisje en een jongetje. En verder mocht ik mijn creativiteit loslaten. Daar hou ik echt wel van.

Zo gezegd zo gedaan. Ik dacht na over spelende kinderen, speelgoed, lachende gezichtjes in de naam, een bijtje als knipoog naar haar vorige opvang Bibieke. Ik besloot het simpeler en persoonlijker aan te pakken.

Logo Groepsopvang Peggy

Ik ging aan de slag met de kleuren van de landelijke kinderopvang waaraan Gezinsopvang Peggy verbonden is. Ik zocht een speels lettertype en bepaalde zorgvuldig welke letter in welke kleur kwam. En ik tekende een kindje. Niet zomaar een kindje. Ik gebruikte een oude kinderfoto van haarzelf. Eentje waar je haar jongste zoon ook in herkent. Een ontwerp dat dus voor een jongetje en een meisje kon dienen.

Logostempel Gezinsopvang Peggy

Van dit fris logo mocht ik ook een grote stempel maken. Voor het eerst ook eentje waarbij ik de afdruk stempelde op het hout. Dank je wel Peggy voor de leuke opdracht!

Op zoek naar een logo?

Neem gerust een kijkje bij de werkwijze. Ik help je graag verder met een uniek ontwerp dat helemaal jouw bedrijf/ activiteit uitstraalt.

Een logo voor Madame Stof

Dezer dagen werk ik aan een logo-opdracht. Een super leuke opdracht van een hele creatieve dame. Een opdracht die me deed beseffen dat mijn andere logo’s nog niet op de blog terecht gekomen waren. Ik bracht er verandering in door een blogpost te schrijven over de 4 groepslogo’s. Mijn allereerste experiment met een logo op maat was namelijk dit logo. Het logo van Madame Stof.

Ik volgde de blog van Madame Stof, de blog van Inge al een tijdje. Ze kan bijzonder goed naaien. Daar ik meestal maar kinderkleding naai, zijn de naaisels voor volwassenen best wel inspirerend voor mij. Ze trekt zich niets aan van huidige trends, van populaire stoffen of van patronen die de spuigaten uitlopen. Ze doet haar eigen ding. En dat is geweldig!

Ik mocht voor haar een logo maken. En ik kreeg daarvoor carte blanche. Dat had ik niet zien aankomen. Zoveel vertrouwen, een kans die ik met beide handen aangreep.

Madame stof dat zijn stoere naaisels. Dat is voor mij een beeld vormen van wie de madame erachter is. Ik vond inspiratie bij de tattoo van haar dochtertje. En ik ging aan de slag met een foto van een blogpost. Et voila zo toverde ik Madame Stof om tot dit geweldige logo.

Een eerste versie was nog een beetje feller geschminkt, iets braver haar, iets poppy-achtiger. Met de juiste feedback zat het er boenk op. Zalig toch?!

Op zoek naar een logo?

Neem gerust een kijkje bij de werkwijze. Ik help je graag verder met een uniek ontwerp dat helemaal jouw bedrijf/ activiteit uitstraalt.

4 groepslogo’s kinderopvang

Eind vorig jaar deed ik een oproep naar testpubliek voor een logo op maat. Net zoals ik met de geboortekaartjes deed. Aan testpubliek geen gebrek. Ik maakte een logo voor Madame Stof, eentje voor mijn onthaalmoeder Gezinsopvang Peggy en 4 groepslogo’s voor kinderopvang De Petteflet. De boekhouder kon daar allesbehalve mee lachen. De boekhouder en ik stonden niet op dezelfde golflengte.

Ik ben van het principe dat ik pas iets wil aanbieden als ik zeker ben dat het binnen mijn mogelijkheden ligt en dat ik het ook graag doe. Vandaar dat ik ermee experimenteerde. De 4 groepslogo’s waren niet per sé hetgeen waar ik naar op zoek was als logo-opdracht. De Petteflet had namelijk al een recent logo. Een leuk logo trouwens. Toch sprak de opdracht me enorm aan: 4 creaties, 4 kleuren volgens het reeds bestaande logo, 4 keer een groepslogo binnen dezelfde stijl, een doelgroep die me ligt. De max toch?! Ook mijn kinderen gaan naar een naschoolse opvang. In de vakantie werken ze ook met groepen. Dat hielp om me in te leven in de opdracht.

Ik werkte 1 thema vluchtig uit om de gewenste stijl af te toetsen. Na feedback werkte ik ze alle vier af binnen de gekozen stijl. De logo’s kregen hun groepsbenaming in een gekleurd vak. De kleur van hun groep. Die heeft steeds een groot aandeel op de voorgrond en volledig op de achtergrond. En zo maakte ik een logo voor de kabouters, de reuzen, de sloebers en de kids. Ik transporteerde ze in verschillende bestandstypes. En als kers op de taart ook als kleurplaat.

Voor de twee grootste groepen werd er zelfs een stemming gehouden. Daar werkte ik op vraag ook een versie met een mannetje uit. Leuk toch dat ze daar ook zelf bij betrokken werden!

4 groepslogo’s voor De Petteflet

Op zoek naar een logo?

Neem gerust een kijkje bij de werkwijze. Ik help je graag verder met een uniek ontwerp dat helemaal jouw bedrijf/ activiteit uitstraalt.

Zelfgemaakte fietstassen onderwaterfiets

We kochten een onderwaterfiets... Een wat?! Een speciale ouder-kind tandem. Handig met het naaimachine maakte ik er ook zelf fietstassen voor. Het hoe en het wat en waarom lees je hier:

Onderwaterfiets

Ik heb het geluk dat ik de kinderen nog net op school kan afzetten om dan vliegensvlug naar het station te fietsen. Welgeteld 6 minuten tussen dat de school open gaat en mijn trein vertrekt. Zo zette ik vorig schooljaar Lex zijn fiets buiten de school neer en zat Mil in het stoeltje. Tom ging dan ’s avonds die fiets ophalen. Want de school en de naschoolse opvang zijn niet op dezelfde plaats.

Dit schooljaar heeft Lex een grotere fiets waardoor dat niet meer zo evident is. Ook Mil kan al volledig zelf fietsen waardoor het spijtig is om in het stoeltje te zitten. We gebruikten de fietskar terug met Marie. Super handig om de bagage daar bij in te smijten. Zelfs Mil zijn fiets als hij onderweg moe is. Zo een twee a drie weken voordat ik terug ging werken zag ik ineens een probleem. Geraakte ik nog wel in 6 minuten met de fietskar aan het station? Hoe zou ik Lex naar school vervoeren zolang Marie het hangmatje in de fietskar zit? Zou de combi Lex en Mil én de fietskar niet te zwaar zijn om voorruit te trappen?

Even dachten we na over een bakfiets, eigenlijk specifiek over een Gazelle Cabby. Budgettair ok, zou vlot rijden, maar we twijfelden of het nog wel voor Lex zou kunnen. Hij is al wel bijna 7. Die zou misschien nog wel achterop in een stoeltje kunnen, maar dan opnieuw wisten we niet goed of het niet te zwaar ging worden. Ik ben dan wel een fervente fietser, het blijft een groot extra gewicht erop. Tweedehands nog wel te vinden, maar we kregen niet direct reactie. Fietsenhandels in de buurt hebben hem niet zomaar staan. En laten bestellen zonder hem uit te testen zag ik niet zitten. 

Met het aantal kinderen raadden ze al eerder een elektrische bakfiets aan. Hello prijskaartje! En niet zo praktisch om snel aan het station kwijt te kunnen. Ook niet goed voor de batterij om dan buiten onoverdekt te staan. Ik wil héél graag een elektrische fiets, maar niet voor een tijdelijke fiets van een 8-10 tal jaar. 

Een longtail cargobike werd ook overwogen. Een fiets waar achteraan meerdere kindjes op kunnen. Met fietsstoelen of met een soort langwerpig kussen en baren. Uitgesloten om gemakkelijk te vinden. En ook geen korte termijn oplossing voor Marie nog in haar babyperiode. 

Uiteindelijk werd het een onderwaterfiets. Dat is een ouder-kind tandem waarbij er nog extra kinderen op geraken. Afhankelijk van de versie 3 tot 4 kinderen. We kochten een versie waarbij er 1 kind mee kan trappen, eentje nog op een extra fietszadel bij de ouder kan zitten en nog eentje achterop kan. Die had heel wat voordelen:

  • Het mee kunnen trappen, maar ook kunnen uitrusten indien nodig
  • De meeste kinderen vooraan hebben wat gemakkelijker communiceert
  • Het niet alleen te moeten trappen en toch niet elektrisch te moeten gaan
  • Het meer een gewone fiets te hebben als er geen kinderen bij zijn
  • Het compactere van geen bak te hebben
  • De oplossing ook op langere termijn

Nadelen tegenover een bakfiets:

  • Als het regent worden de kinderen ook nat
  • Minder ruimte voor bagage
  • Toch meer eerder voor gebruik met 2 kinderen dan 3 (hoewel je ook bakfietsen voor 2 kinderen hebt)

Het weer, goh ja daar moet je mee leren omgaan. Je hebt ook bakfietsen zonder regenhoes. Of keren dat je ermee onderweg zal zijn dat je die hoes niet bij hebt. De bagage daar kan je ook creatief mee omgaan: een boekentas aan het kleine stuur vooraan, eentje op de rug bij het fietsende kind. De rest aan het stuur of mijn rug. Grote fietszakken was mijn eerste geniale idee. Maar met het fietsstoeltje schiet er nog weinig plaats over. Ook al heeft deze fiets een langere bagagedrager. 

‘Eerder voor 2 kinderen dan 3’ dat was een berekend risico. Het extra zadeltje lieten we achterwege. Dit zou niet zo handig zijn qua reflexen in het verkeer. De periode dat de onderwaterfiets voor 3 kinderen wordt gebruikt is kort. We vermoeden dat Lex binnen 2 jaar alleen naar school zal fietsen. Daarbij komt kijken dat de grootste afstand toch maar met 2 kinderen wordt gedaan. De onthaalmoeder is maar 2 straten verder. Dat kan best wel even in de draagdoek. Ondertussen zit ze al te lachen in het stoeltje.

Het moeilijke voor een andere fiets vond ik het tijdelijke aspect van deze fiets. Kinderen groeien als kolen en binnen 8-10 jaar komt de tijd dat ze allemaal zelf naar school zullen gaan. Dan blijft de leuke mogelijkheid om er een bak vooraan op te zetten. Met 3 kinderen blijf je sowieso wel met bagage zitten en boodschappen. Dus hopelijk kunnen we nadien ook nog vele jaren verder met onze prachtige rode fiets. 

En dan kwam weer het andere moeilijke, waar die onderwaterfiets kopen? Tweedehands hadden we er eentje op het oog, maar werd aan iemand anders verkocht. Op onderwaterfiets.nl vind je heel gemakkelijk de verkooppunten. Een beetje rondbellen gaf me heel wat antwoorden op al mijn vragen. Maar leerde me ook dat velen zo geen model hebben staan. Een levertermijn van 6-8 weken lijkt perfect normaal, maar niet ideaal als je binnen een paar dagen weer moest gaan werken. We vonden onze onderwaterfiets bij fietskarinfo.be. Hier kregen we een duidelijk beeld over de voor- en nadelen van de fiets, een antwoord op al onze vragen, een binnenshuis testrit, een geweldige service waarbij we ook rustig de tijd konden nemen om de juiste keuze te maken. En we vertrokken met een rijklare fiets. 

Schoten-Lier was onze échte testrit terug naar huis. Voldoende kilometers om op het einde van de rit de fiets helemaal onder de knie te hebben. Ondertussen wordt de fiets dagelijks gebruikt. Ook op momenten dat we best allemaal op een eigen fiets kunnen fietsen. En wordt er aardig gezeurd als het ene kind twee keer na elkaar vooraan mag fietsen. Ja zo enthousiast zijn we allemaal over de fiets. 

En ja hoor Tom kon de kinderen afzetten met de auto, ze zouden naar de voorschoolse opvang kunnen, we zouden deels te voet kunnen gaan, Lex zou kunnen steppen… Maar ik ben van het fietsprincipe: zo hebben ze veel meer beweging en leren ze veel meer over het verkeer. Te voet/ per step is goed voor in de zomer, maar niet op regenachtige/ koude dagen of dagen waarbij het even snel moet gaan. Daarvoor is de afstand te groot.

Het kriebelde om toch zelfgemaakte fietstassen te voorzien voor deze fiets. Dus ik ging met de vouwmeter alles opmeten. Ik bestudeerde bestaande fietstassen & ik maakte een papieren miniatuurversie om de opbouw beter te kunnen uitpuzzelen. Et voila! Zelfgemaakte fietstassen. 

Ik kocht donkerblauwe oilskin en zwarte tassenband bij Madame De Stoffenmadam in Lier. Ik gebruikte zwarte biais die ik nog had liggen van de Veritas. Ik kocht sluitingen in de Veritas. En ik gebruikte een katoenen gebloemde stof als voering uit eigen voorraad. Eentje die ik al jaren had liggen. Om te vermijden dat de fietstas onderaan doorhangt als er iets in ligt gebruikte ik een blokje hout. 

Er zitten hier en daar wat onbedoelde plooitjes in, maar het is bruikbaar en toch nog best mooi ook. Zelfgemaakt & zelf ontworpen. Niet al te groot, maar toch functioneel voor bv naar de bib/ zwemles, een deel van de boodschappen van de markt, picknick… 

ps: dit blogbericht is geschreven uit puur enthousiasme en liefde voor deze fiets. Er kwam geen sponsoring aan te pas. 

Wat niemand me vertelde over het ouderschap

Er zijn toch wel vier dingen die niemand me vertelde over het ouderschap.

Je moet echt voor ALLES steeds een uitleg klaar hebben. Er zijn zovele zaken waarover ik mezelf eruit heb moeten lullen. Soms verbazen mijn eigen antwoorden me die daar onmiddellijk uitfloepen. Soms ook pure chance dat ze de antwoorden goed genoeg vinden om er niet verder over door te vragen. Bv afgelopen sinterklaas vergat ik de suikerklontjes uit de schoenen te pakken dat eindigt dan met ‘het paard van sinterklaas zal ziek geweest zijn’. De honderden waaromvragen achter elkaar ook op dagen dat het wat minder gaat. 

Dat je bij zoveel zaken eigenlijk veel meer vooruit moet denken. Zeker bij beginnend ouderschap. Ik schreef het al eens neer bij de borstkolf. Van hoe ik een manuele wel ok vond bij de eerste, nood had aan een elektrische bij de tweede en uiteindelijk een dubbele kocht bij de derde.

Idem hebben we net nog kunnen ondervinden met een vervoerkwestie. Bij Lex kochten we allebei een fietsstoeltje. Bij Mil werd dat een fietskar. Maar geen haar op mijn hoofd dat dan voorruit denkt gaat die fietskar nog voldoende blijven als ze groter zijn. In de zomer was het nog een lifesaver op vakantie. Enkele maanden later helemaal niet meer zo een waterdichte oplossing voor ons gezin van drie. Dat werd dan heel recent een onderwaterfiets waarmee ik de drie kinderen moeiteloos met de fiets kan vervoeren. 

Alles is zo tijdelijk. Ja, mama en papa blijf je je hele leven. En ook de eerste pakweg 40 jaar van het ouderschap kunnen wel eens moeilijk zijn. Maar al die spullen, al die kleren, al die schattige eerste momentjes en ook alle groeispurten en driftbuien dat is maar voor zo kort. 

We kochten zoveel nieuwe spullen. En we kregen zoveel nieuwe spullen, want ja zo deed je dat toen met de geboortelijst. En ja wist ik toen wel dat ik graag meer kinderen zou hebben dus ja dat ging allemaal meerdere keren mee gaan. Hoewel ergens in mijn hoofd ook zag eerst zien dat de eerste geen ettertje zou zijn. En toch blijven al die spullen maar tijdelijk. Bv het parkje nog geen jaar per kind. Hoe meer kinderen, hoe minder ze erin liggen. Dat merkten we met een draagmand. Lex lag er een maand in, Mil een paar keer tijdens de verbouwing, Marie niet.

Kleren hooguit twee van je eigen kinderen kunnen het aan doen. Een aantal stuks sneuvelden wegens vlekken, nog wat wegens echt niet mooi, er werd wat doorgegeven, gedoneerd. En verder moet je écht geluk hebben dat al je kinderen binnen dezelfde periode geboren worden, van hetzelfde geslacht zijn en dezelfde gewichtscurve volgen.

Je eigen klerenkast is nooit meer dezelfde. Bij mijn eerste zwangerschap was ik zo fier als een gieter er veel te vroeg bij om te starten met het dragen van zwangerschapskleren. Ik was zwanger dus ‘ah ja’ ik mocht die kleren dragen. Tegen dat die kleren echt nodig waren was ik ze al beu. Niets maar dan ook niets waar ik mijn eigen zelf in was. Of het was megaduur voor tijdelijke kledij. Dus ja ik beet een paar maanden op mijn tanden. Na mijn bevalling kon ik al vrij snel terug in mijn kleren. Maar die voelden niet meer zo erg ‘ik’ aan. Dat waren de kleren voordat ik mama werd. Ik had het geluk wat overtollig vet ook af te vallen. Dus nieuwe kleren. Na de zwangerschap van Mil omgekeerde wereld, ok van gewicht maar te brede heupen. Na de zwangerschap van Marie opnieuw van hetzelfde. Ok van gewicht, maar het zijn mijn kleren niet meer. Het zijn die van voordat Marie er was. Een ‘ik’ die ik precies niet meer ben.  

Mijn weg naar zelfstandige in bijberoep

In januari start ik als zelfstandige in bijberoep. Oh jongens wat een lang traject heb ik daarvoor afgelegd. Dat begon bijna 3 jaar geleden. Ja zover gaan we daarvoor terug in de tijd. Ik had het gehad met mijn job, maar ik zag ook niets spectaculairs in vacatures, in géén enkele vacature. Een vicieuze cirkel die ik al een paar keer gepasseerd had. Dus besloot ik loopbaanbegeleiding te volgen.

Een beetje bla bla met klassieke oefeningen van op school om tot iets te komen wat ik al wel wist. Niets wereld choquerend, maar wel een stamp onder mijn gat. Ook een toffe vragenlijst over spelletjes van vroeger die me verrassend genoeg wat inzichten gaven over mezelf: bv Ik heb nood aan véél, te veel om te terugvinden in 1 job. Ja, lap!

Ik heb ook nood om mijn creatief ei kwijt te kunnen. Dat had ik toen ook al ontdekt: ik naaide al, haakte, maakte juwelen en stempels en volgde fotografie. Naaien in bijberoep leek voor de hand liggend, maar ik koos er niet echt voor. Iets met te tijdrovend en uiteindelijk vind ik naaien voor het eigen gezin voldoende. Dus werden het geboortekaartjes en stempels als zelfstandige in bijberoep. 

Klaar is kees?! Helaas niet. Ik wou ook nog een baby. Er moest nog stevig verbouwd worden en ik wisselde van functie. En oh ja, ik kon nog geen kaartjes maken. Oepsie! Verstandig om dat eerst te leren ;) Ik volgde wat cursussen via Syntra, CVO en Udemy. 

Laten we zeggen dat het leren ontwerpen van kaartjes nog maar het topje van de ijsberg was. Om te kunnen starten als zelfstandige in bijberoep moest ik nog heel wat werk verzetten: een logo maken, de website aanpassen, een collectie opbouwen, met testpubliek aan de slag gaan, social media aanpassen en uitbouwen, andere lino zoeken, een businessplan uitschrijven, een boekhouder vinden, nacebelcodes kiezen, een onderneming starten, aansluiten bij het sociaal verzekeringsfonds, prijsbepaling, promotiemateriaal maken, een nieuwe bankrekening openen… én vooral iedere ‘ja maar’ overwinnen.

Ben ik dan alle ‘ja maars’ voorbij? Ik heb er enkele overwonnen. Andere werden omgezet in ‘zien we dan wel’ en ‘gewoon doen’. De meest terugkerende waren vooral in functie van hoe kom ik aan klanten, wat als het financieel toch niet zo loopt, ik wil niet afgaan als een gieter en hou ik dan nog wel tijd over. Ik besloot gewoon de sprong te wagen en het wel te zien onderweg.

Hoe kom ik aan klanten? Via een facebookoproep kwam ik onmiddellijk aan 3 testkoppels die interesse hadden. Idem met een oproep naar logotesters. Ok dat was gratis, maar ik geloof er ook een klein beetje in dat mijn werk toch voldoende aansprak. Verder leerde ik bij over een goed instagramaccount & seo van de website. Ook komt er een vermelding naar Coucou Castor op de geboortekaartjes wat als reclame kan dienen. Verder zal ik vooral meer uit mijn introverte schulp moeten komen en erover durven vertellen. 

Wat als het financieel toch niet zo loopt? Realistisch als ik ben, weet ik dat ik hier mijn geld niet mee ga verdienen. In mijn huidige functie zal ik 4/5de gaan werken. Dat is nodig voor mezelf, de kinderen en het huishouden. Een kleine stap achteruit dus. Belangrijkste voor mij is dat we nog zullen kunnen sparen voor de toekomstige verbouwingen die nog op de planning staan.

Ik wil niet afgaan als een gieter! Dat hangt een beetje vast met het financiële. Er ligt geen druk om echt veel bij te verdienen. En dat maakt het afgaan als een gieter al minder makkelijk. Ik denk het drie jaar de tijd te geven. Als ik eind 2019 tot een nuloperatie kom, zal ik wel een dansje placeren. En het verder geleidelijk aan opbouwen. ‘Niets verloren, niets gewonnen maar wel geprobeerd’ is het dus maar in het slechtste geval.

Hou ik dan nog tijd over?  Ik denk het wel ja. Kaartjes en stempels maken doe ik al een tijdje. Ik zal dus niets nieuws doen, alleen is het niet meer voor mezelf maar voor iemand anders. Is het misschien een beetje intensiever als ervoor. Er komt ook nog iets meer bij kijken dan voorheen bv mailen, social media en de website wat meer onderhouden. Uiteindelijk zal ik nog altijd zelf kunnen beslissen hoeveel opdrachten ik aanneem en zal ik misschien wel eens nee moeten zeggen.

Alleen mijn mindset ‘we gaan ervoor’ wordt niet echt gedeeld. Mijn weg blijft er eentje van vallen en op staan. Zo ging ik deze maand met een waslijst met vragen naar de boekhouder. Ontzettend zenuwachtig versprak ik me: ‘ik wil een eenmanszaak starten, vrijgesteld van belastingen.’ Dat gaat niet he, vrijgesteld van BTW. Oh jongens ik was al zo blij dat ik wist dat een eenmanszaak, vrijgesteld van BTW in mijn geval echt de beste keuze was. Daar stond ik dan met mijn goed uitgekozen vragen, voorbeeldfactuur en businessplan. Met een antwoord op mijn vragen en het advies om toch maar goed na te denken om het als hobby te houden ging ik ruim een uur later buiten.

Ook vadertje staat is niet mee. Zelfstandigen en hun gezaag, ik begin ze stilletjes te begrijpen. Een pijnlijke zaak dat de helft van je winst in het zakje gaat van vadertje staat. De bijdragen voor het sociaal verzekeringsfonds zijn maar solidariteitsbijdragen. ’t is niet dat ik daar ooit een rooie frank van ga zien op mijn oude dag. En dat wringt. 

En toch, we zien wel en we gaan ervoor… 

10 feitjes over pasgeborenen en vers ouderschap

Voor een derde keer moeder/ ouder worden blijft verrassend, vertederend en vooral leerrijk. Iedere zwangerschap, bevalling en kind is anders. Een ander geslacht, een ander geboortegewicht om mee te starten, lentekinderen tegenover zomerkinderen… 10 feitjes die ik zelf ondervond:

  1. Bij een van de eerste nachten thuis droomde ik dat ik Marie aan het voeden bent. Ik schoot wakker en dan komt het besef dat je geen kind in je handen hebt. Echt waar bij meermaals bij alledrie. Zelfs Tom ervoor wakker maken om Marie even in haar bedje te leggen. Oeps, ik heb ze niet vast…
  2. Het voorheen jongste kind is ineens een reus.
  3. Al die kinderen plassen en kakken graag in een verse pamper. Soms zelfs meerdere in een verversbeurt. Gelukkig maakt dat bij wasbaar luieren niet zoveel uit.
  4. Goede borstvoedingsstoelgang is geel. Heeft het een groenere kleur dan krijgt de kleine meer of te veel voormelk. Het aantal plas en stoelgangsluiers zijn trouwens een belangrijke indicatie of je kind uitdroogt bij hitte of bij verminderde melkproductie.
  5. Jan met de pet zit te wachten op gezinnen met een jongen en een meisje. Heb je er eentje dan vragen ze direct wanneer de volgende komt. Idem bij nummer twee als die van hetzelfde geslacht is. Ben je zwanger van nummer drie word je quasi dagelijks gebombardeerd met ga je voor een meisje gaan? Ik zie het aan uw buik, het is een meisje! En dergelijke…
  6. Bij een eerste kleine zoeken ze op wie de kleine het meeste lijkt. Mama of papa? Bij alle volgende kinderen vergelijken ze enkel nog met de broers en zussen.
  7. Per direct gedaan met preutsheid. Tijdens de zwangerschap heb je hoera, 9 maanden geen menstruatie! Komt de cadeau na de bevalling: tot 6 weken bloedverlies. Iedere vroedvrouw komt erachter vragen hoe het zit met het bloedverlies en oh ja de eerste stoelgang is nog zo iets…
  8. Je leert multitasken als de beste. En de gekste combinaties zijn daarbij mogelijk: borstvoeding geven en de poep van een van de anderen afvegen…
  9. De eerste dag(en) eet je kleintje nog niet zoveel. Ook al moet je quasi constant een kwartier links en rechts aanleggen. Er komt amper maar iets uit om een maagje zo groot als een druifje te vullen. Maar o wee als je zelf moet eten, heeft je kleintje ook honger. Het neemt daar zijn tijd voor. Je drinkt zelf ook geen liter water ad fundum uit.
  10. Oh ja al je kinderen durven tegelijk te wenen. Toen Mil geboren werd had ik me daar mentaal niet op voorbereid. Bij Marie duurde het ook niet al te lang vooraleer ze alle drie besloten om op hetzelfde moment te wenen.

Over wenen buitenshuis heb ik trouwens een strategie. Je kent het wel van die mensen met wenende kinderen in de winkel die vlug proberen te zeggen dat ze stil moeten zijn. Ik zeg het tegengestelde. “Ween maar eens goed luid zodat alle mensen het in de winkel kunnen horen” of “gooi maar eens alle tranen eruit, nog een beetje harder”. Dat doen ze ook, heel even en dan stopt het vanzelf.

Het doopsuiker van Marie

Met de blogpost over het kaartje van Marie gaf ik het al aan dat heel de zwangerschap een drukke periode was. Met het doopsuiker kon ik alle kanten uit gaan. Ik koos de luie kant. Voorheen naaide ik zakjes, poppetjes, stempels, eigen doosjes vouwen, eigen broches met krimpfolie om de zakjes te sluiten. Al die tralalatjes daar stak ik nu geen tijd in. Ik kocht melkzakjes en liet me daardoor verrassen. Ik hoopte dat ik er een stempel op kon drukken en ju. Maar dat ging niet. De inkt bleef er vochtig op.

Dus ontwierp ik een sticker. Nu ja ontwerpen, zoveel ontwerpen was daar niet meer aan. Gewoon een ander formaat, de bever en de achtergrond erin plakken et voila! Ik bestelde de stickers via flyer.be. En was mega trots als ze arriveerden.

Verder maakte ik op het gemak stempels. Voor mij waren dat binnenspeeltuinstempels. Op momenten dat ik niets kon betekenen op zolder trok ik er met de jongens op uit naar de binnenspeeltuin. En daar gutste ik de stempels. Ik gebruikte daarvoor blauwe factis lino en roze speedycarve lino. Ik vond de inktpads in de action. Zonder ze zelf uit te testen stak ik ze erbij.

En Tom en ik kozen ieder een snoepje dat we lekker vonden en geschikt zijn als doopsuiker. Tom koos zuurtjes. Ik koos rode staafjes met witte suiker vanbinnen. De melkzakjes kregen een sticker vooraan en werden gesloten met washitape in de 3 kleuren van de veren.

Voor de presentatie kocht ik een oude bestekkoffer in de kringloopwinkel. Die beklede ik met blauwe stof. Verder maakte ik twee kleine vlaggenlijnen waarop ik de jongensnaam en de meisjesnaam zeefdrukte. Ik hing ze op met een punaise. Et voila, doopsuiker!

Wasbaar luieren vanaf week 2

Bij Mil startten we met wasbaar luieren op een paar maanden. Dat kwam omdat we voordien met verbouwen en verhuizen zaten. En ook omdat ik Tom nog wat moest overtuigen. Bij Lex woonden we nog op een mini appartement en hadden we er de plaats niet voor. Bij Marie moest daar niet meer over gepraat worden. Natuurlijk gingen we opnieuw wasbaar luieren. Bij de geboorte gebruikten we de pampers die we van het ziekenhuis kregen. Tom moest al de jongens en al de rest meesleuren. Een emmer vieze luiers ging daar niet meer bij. Ook de eerste stoelgang is nogal donker en plakkerig. We zouden starten als die pak pampers op was.

Stiekem kochten we nog zo een pak. Het was thuis even zoeken tussen slaap inhalen, nieuw evenwicht in aandacht voor de jongens en de voeding. In week 2 startten we wel met wasbaar luieren. Al zat ik wel met mijn handen in mijn haar want de all in ones van Totsbots waren veel te groot. Die starten vanaf 4 kg en geven en enorme poep. Verder had ik ook nog strikluiers maar ook dat leek gigantisch met een inlegger erin. Tot ik er meer over las. De strikluiers hoeven geen inlegger voor een newborn. En dus waren we vertrokken.

Ook vroeg ik raad aan een vriendin en mocht ik nog wat mini pampers van haar lenen ook. Super om nog andere systemen te leren kennen. Eerlijk gezegd, moest ik de pampers opnieuw kopen zou ik véél meer research erover doen. Misschien dat we er ook nog wat gaan bij aan schaffen want met de all in ones van Totsbots hadden we bij Mil regelmatig lekken.

Ik lees vaak verhalen van moeders met pasgeboren baby’s die beweren met wasbaar luieren maar twee keer te wassen. Ik geloof er niets van… Bij iedere voeding haar pamper verversen zorgt ervoor dat de pampers erdoor vliegen en de emmer dus gemakkelijk vol geraakt. Om de dag wassen is het ritme dat ik al even aanhoud. Ik blijf enthousiast over de strikluiers. Die zijn goedkoop, schattig en zijn bijzonder snel droog. Enige nadeel is dat het soms een uitdaging is om de pamper te strikken vanaf dat ze wat beweeglijker zijn.

Op vakantie zouden we wegwerpluiers gebruiken. Die hadden we al in huis gehaald. De twee weken ervoor had ik het er echt moeilijk mee. Moesten we ze nog niet in huis hebben gehaald zou ik waarschijnlijk ook wasbaar op vakantie hebben gedaan. Eenmaal op vakantie besefte ik wel dat het zo ook wel ok was. Terug thuis hadden we nog een paar pampers over van de vakantie. En opnieuw was ik blij om die nog een dag of twee te kunnen gebruiken zodat ik de tijd kon nemen om het huishouden weer helemaal op orde te brengen.

Met welke systemen heb ik ondertussen ervaring?

  • Diana strikluiers
  • Disana & Popolini wollen overbroekjes
  • Overbroekjes van totsbots, rumparooz, popolini & blümchen
  • Allerlei wasbare inleggers: katoenen, bamboo, tetradoeken & fleece
  • All in ones totsbots
  • Imse Vimse all in ones
  • Close pop-in
  • Piriuki nachtluier
  • Totsbots voorgevormd

Waar kocht ik wasbare luiers?

  • Blabloom
  • Klein spook
  • Dreambaby
  • Spulletjes voor spruitjes

De clichés voorbij?!

Hoewel de laatste jaren steeds meer jonge gezinnen kiezen voor wasbaar luieren blijft het taboe toch nog groot. De meeste mensen vinden het vies. Zouden hun wasmachine na iedere wasbeurt met wasbare luiers nog eens leeg willen opzetten. Enzoverder… Een ander klassiek argument is het water van al die wasbeurten. Dat zou ook niet zo milieuvriendelijk zijn.

Laten we zeggen dat een ton afval aan wegwerpluiers per kind nog viezer is. Nu spoelt alles gewoon weg. Bij vaste voeding gaat het grootste gedeelte gewoon in het toilet. En ja, als kinderen groter zijn en in hun broek plassen/ kakken dan wassen we dat toch ook uit…

Al dat werk?! Heb je daar dan nog tijd voor? Ik weet niet hoe het met anderen zit, maar een wasmachine is best vlug opgezet. Net zoals wat pampers ophangen en wegleggen. Kwestie van een paar minuutjes. Aan wegwerpluiers heb je ook werk: je moet ze kopen, de voorraad in de gaten houden en weggooien/ naar het containerpark brengen.

Kinderen zijn er vlugger zindelijk door. Werk- en tijdsbesparend, hoera ;)!